30 januari 2006

Weg met die rotzooi!

Kort voor Pesach, het Joodse paasfeest, reisde Jezus naar Jeruzalem. Daar trof hij op het tempelplein de handelaars in runderen, schapen en duiven aan, en de geldwisselaars die daar altijd zaten. Hij maakte een zweep van touw en joeg ze allemaal de tempel uit, met hun schapen en runderen. Hij smeet het geld van de wisselaars op de grond, gooide hun tafels omver en riep tegen de duivenverkopers: ‘Weg ermee! Jullie maken een markt van het huis van mijn Vader!’ (Joh. 2:13-16)

Lieve Jezus,
Veel mensen denken dat U aardig, vriendelijk en zachtmoedig bent. Ik weet zeker dat dat waar is. Maar deze woorden geven een beter, completer beeld van U. Gedwee als een lam liet U zich offeren voor onze zonden. Maar U, Heer, bent ook de brullende Leeuw van Juda! U zult niet toestaan dat wij een puinhoop maken van uw heilige tempel – uw gemeente, uw lichaam. U zult niet toestaan dat wij een rommeltje maken van ons eigen lichaam, de tempel van uw heilige Geest. Alstublieft, machtige Jezus, kom in mijn hart en reinig mij van binnenuit. Ik weet dat ik die rommel binnenin mij kwijt moet. Ik wil dat U uw intrek neemt in een opgeruimd huis, een geschikte woning voor een vriendelijke, liefdevolle en heilige Messias. Altublieft Heer, ga uw gang – reinig mijn hart!

ZELFREINIGEND VERMOGEN
woedend heeft hij huisgehouden
tafels omgekeerd
handel verdreven
het klappen van de zweep geleerd
alle hoeken schoongeveegd
opgeruimd staat netjes